Het belang van de elektriciteit in onze samenleving wordt verduidelijkt in de allegorische afbeelding hierboven: een symbolische voorstelling waarbij een abstract begrip zoals elektriciteit wordt weergegeven door mythische personages. De lege banderol (phylacterium) onderaan nodigt de kijker als het ware uit om er zelf betekenis aan te geven.
De afbeelding toont drie personages:
- De centrale vrouwelijke figuur kijkt fier voor zich uit en verlicht de omgeving met haar lamp als een lichtgevend baken. Zij staat voor de verlichting, nog steeds een van de basistoepassingen van de elektriciteit.
- Rechts zien we een mannelijke figuur, rustig gezeten maar klaar om met zijn gespierde lichaam de noeste arbeid aan te vatten en het wiel dat hij ter hand neemt te doen draaien. Hij staat voor de toepassing van elektriciteit als drijfkracht: motoren, aandrijvingen, elektrische voertuigen, vermogenselektronica...
- De figuur links, met zijn caduceus en gevleugeld hoofd en voeten, is een weergave van Hermes (of Mercurius), de boodschapper, klaar voor een nieuwe missie. Hij staat voor de toepassing van de elektriciteit voor gegevensoverdracht: in de tijd van de figuur telegrafie en telefonie; vandaag zou ook wat we ICT noemen hieronder vallen.
Het afgebeelde trio staat dus model voor de diverse toepassingen van de elektrische energie en illustreert het belang van de elektriciteit in onze samenleving.
Deze figuur werd ontleend aan The Central Station, een Amerikaans elektrotechnisch vaktijdschrift uit de vroege twintigste eeuw.
Interessant is ook de genderverdeling van de figuren. In vroege elektrische allegorieën (vóór 1900) werd de elektriciteit doorgaans als vrouw voorgesteld - mooi en mysterieus, maar ook gevaarlijk en ontembaar, zoals de "elektriciteitsfee" van de wereldtentoonstellingen. Na 1920, toen elektriciteit een gevestigde industrie was geworden, traden mannelijke personages op de voorgrond: de elektriciteit als noeste arbeid en "serious business". Deze afbeelding uit circa 1910 vormt een zeldzaam overgangsdocument tussen beide tradities: de vrouwelijke figuur draagt nog het wonder van het licht, terwijl de mannelijke figuren de industriële toepassingen belichamen. Dat beide geslachten hier samen één geheel vormen, geeft de allegorie - onbedoeld maar treffend - ook voor onze tijd een zekere actualiteit.
Men kan weliswaar opwerpen dat dergelijke allegorieën oudmodische relicten zijn uit lang vervlogen tijden, die niet meer passen in het kader van de moderne communicatie. Anderzijds zijn de in de afbeelding gesymboliseerde hoofdtoepassingen van de elektriciteit - verlichting, drijfkracht en gegevensoverdracht - tot op heden onverminderd aan de orde, en daarmee ook hun symboliek.
Men kan dus stellen dat deze afbeelding na meer dan honderd jaar nog steeds het potentieel bezit om de elektrotechniek op multidisciplinaire, diverse en maatschappelijk relevante wijze voor te stellen. Zij maakt gebruik van een tijdloze mythologische beeldtaal om het belang van de elektriciteit in onze samenleving en haar bijdrage tot het maatschappelijk welzijn te illustreren. Zij staat voor een brede culturele benadering van de elektriciteit en bevestigt de elektrotechnicus als intellectueel met een maatschappelijke verantwoordelijkheid die het louter techno-economische overstijgt - en is aldus een gepast symbool voor ETEC.
ETEC's visie op de ingenieursvorming
ETEC biedt aan zijn studenten Elektrotechniek een veelzijdige
en boeiende opleiding met zeer uitgebreide carrièremogelijkheden
in verscheidene sectoren: nijverheid, dienstverlening en overheid.
ETEC's rijke onderzoekstraditie rond elektrische voertuigen
heeft de aanzet gegeven tot de invoering van een specifiek
curriculum rond vervoerstechnologie, waar zowel conventionele
als alternatieve aandrijvingen worden behandeld in het licht
van een globaal verkeers- en milieubeleid.
Deze specifieke opleiding
speelt bij uitstek in op de huidige maatschappelijke problemen.
Door een jarenlange ervaring in onderwijs, onderzoek en dienstbetoon
heeft ETEC een gedegen visie op haar primaire taak, de vorming
van de ingenieurs, kunnen ontwikkelen.
Enerzijds is het duidelijk dat de ingenieursvorming, onder
meer door middel van haar onderzoeksactiviteiten, zich steeds in de frontlijn van de technologische ontwikkeling moet bevinden.
teneinde de student te kunnen onderdompelen in een wetenschappelijke
en hoogtechnologische omgeving die inspireert tot wetenschappelijk
onderzoek en die intellectueel verrijkend is. ETEC heeft zich
dan ook steeds toegelegd op nieuwe technologische ontwikkelingen,
zoals de elektrische voertuigen.
Anderzijds is ETEC er zich van bewust dat de kracht van de ingenieursvorming
aan de Belgische universiteiten grotendeels steunt op de polyvalentie
van de ingenieur, die zich als generalist bij uitstek
kan inwerken in zeer verscheidene problemen en aldus in staat
is om in zeer verschillende situaties en in zeer verschillende
functies zijn bekwaamheden te ontplooien en een bijdrage te leveren
tot het algemeen maatschappelijk welzijn. Dit geldt zowel voor de theoretisch gerichte burgerlijk ingenieur als voor de praktisch gerichte industrieel ingenieur.
ETEC zal haar studenten derhalve een zo breed mogelijke vorming
bieden als deel van een algemene wetenschappelijke en technische
ingenieurscultuur, waarbij tevens aandacht wordt besteed aan
de maatschappelijke verantwoordelijkheid van de ingenieur als
intellectueel.
Samenvattend kan men zeggen dat ETEC, mede gezien de brede
maatschappelijke relevantie van haar vakgebied, een ideale onderwijs-
en onderzoeksomgeving aanbiedt ter vorming van de ingenieurs
van morgen.